wel

Betekenis wel

De betekenis van wel is: "de -woordwellenbron2welIbijwoord1in orde, goed: hij was niet erg wel ; alles wel aan boord ; als ik het wel heb ;niet wel bij zijn hoofd zijnniet goed wijs;van je welste (ook: van jewelste)in hoge mate;Zuid-Nederlands :iets wel ontvangenin goede orde ontvangen;Zuid-Nederlands :nu zijn we welnu zijn we goed af;2ter bevestiging, het tegengestelde van niet : hij is er wel ;3waarschijnlijk: hij zal wel niet komen ; denk je wel? ;4ter versterking: wel neen ; Zuid-Nederlands :wel integendeelintegendeel;Zuid-Nederlands :wel jatoch wel;5 ter uitdrukking van een vraag: je bent nog niet klaar, wel? ;6 niet minder dan: wel honderd ; wel een uur lang ; ik heb het wel tien keer gezegd ;7 ter nuancering of ter bestrijding van een (mogelijke) tegenwerping: echt wel ; best wel ; toch wel ; ik vind het wel meevallen ;8en welnader aangeduid, te weten:een Nederlandse schilder, en wel Rembrandt ;9laten we wel wezen of zijnlaten we eerlijk toegeven;IItussenwerpsel :wel, wat is er van je dienst? ; wel, wel, wat een grote jongen! ;IIIhet -woordwelzijn, heil: wel en wee
Gedeelte van de dubbele bodem, ingesloten door twee waterdichte wrangen, de huid, de binnenbodem en de beide kantplaten, op oude schepen aangebracht om de berging van lens-en lekwater te vergroten
Ruimte gevormd door een plaatselijke verlaging van een dek.
bron, putgezond, goed, in ordeheil, welzijnwaarschijnlijknogal, tamelijk
".

Defenitie wel

De definitie van wel is: "de -woordwellenbron2welIbijwoord1in orde, goed: hij was niet erg wel ; alles wel aan boord ; als ik het wel heb ;niet wel bij zijn hoofd zijnniet goed wijs;van je welste (ook: van jewelste)in hoge mate;Zuid-Nederlands :iets wel ontvangenin goede orde ontvangen;Zuid-Nederlands :nu zijn we welnu zijn we goed af;2ter bevestiging, het tegengestelde van niet : hij is er wel ;3waarschijnlijk: hij zal wel niet komen ; denk je wel? ;4ter versterking: wel neen ; Zuid-Nederlands :wel integendeelintegendeel;Zuid-Nederlands :wel jatoch wel;5 ter uitdrukking van een vraag: je bent nog niet klaar, wel? ;6 niet minder dan: wel honderd ; wel een uur lang ; ik heb het wel tien keer gezegd ;7 ter nuancering of ter bestrijding van een (mogelijke) tegenwerping: echt wel ; best wel ; toch wel ; ik vind het wel meevallen ;8en welnader aangeduid, te weten:een Nederlandse schilder, en wel Rembrandt ;9laten we wel wezen of zijnlaten we eerlijk toegeven;IItussenwerpsel :wel, wat is er van je dienst? ; wel, wel, wat een grote jongen! ;IIIhet -woordwelzijn, heil: wel en wee
Gedeelte van de dubbele bodem, ingesloten door twee waterdichte wrangen, de huid, de binnenbodem en de beide kantplaten, op oude schepen aangebracht om de berging van lens-en lekwater te vergroten
Ruimte gevormd door een plaatselijke verlaging van een dek.
bron, putgezond, goed, in ordeheil, welzijnwaarschijnlijknogal, tamelijk
".