week

Betekenis week

De betekenis van week is: "Ibijvoeglijk naamwoord1zacht, niet stevig: een weke massa ;2zwak, slap; een week ventje ;3teerhartig, gevoelig: ik werd helemaal week van binnen ;IIde -woordhet weken: abrikozen in de week zetten2weekde -woordwekenzeven dagen;door de weekniet in het weekend;van de weekdeze week;de week hebbende beurt hebben om iets een gehele week te doen;de goede week of de stille weekde week voor Pasen3weekverl tijd van wijken
Tijdseenheid van 7 dagen, meestal beginnend op maandag of zondag.
slap, zacht, zwakklef, pasteusteerhartig, gevoelig, murwmollig
".

Defenitie week

De definitie van week is: "Ibijvoeglijk naamwoord1zacht, niet stevig: een weke massa ;2zwak, slap; een week ventje ;3teerhartig, gevoelig: ik werd helemaal week van binnen ;IIde -woordhet weken: abrikozen in de week zetten2weekde -woordwekenzeven dagen;door de weekniet in het weekend;van de weekdeze week;de week hebbende beurt hebben om iets een gehele week te doen;de goede week of de stille weekde week voor Pasen3weekverl tijd van wijken
Tijdseenheid van 7 dagen, meestal beginnend op maandag of zondag.
slap, zacht, zwakklef, pasteusteerhartig, gevoelig, murwmollig
".