voor

Betekenis voor

De betekenis van voor is: "voor ,` vo - rede -woordvoren1ploegsnede;2rimpel, vooral in het voorhoofd2voorIvoorzetsel1aan de voorkant;2voorafgaand aan: voor de oorlog ;3gedurende: hij heeft voor twee weken werk ; Zuid-Nederlands :voor het ogenblikop het ogenblik;4tegen betaling van: je kunt het voor een euro krijgen ;5 ten behoeve van: werken voor de kost ; dit is voor jou ;6 Zuid-Nederlands naar: de trein voor Antwerpen ;7 Zuid-Nederlands tot: voor doel hebben ; voor gevolg hebben ;IIbijwoord1gunstig gezind: hij is er niet voor ; voor stemmen ;2wat betreft: voor zijn doen is het aardig ; ik voor mij ;3 Zuid-Nederlands :naar voor brengennaar voren brengen;IIIvoegwoordvoordat: het was gebeurd, voor ik het wist
1 Dichterbij dan (gezien vanaf de spreker of anderszins). 2 Eerder komend in de bewegingsrichting. 3 Eerder in tijd. 4 Eerder in rangorde. 5 Ten behoeve van, ten gunste van. 6 Eens met, positief tegenover: Hij stemde voor het voorstel. 7 Wat betreft: Hij is bang voor muizen. 8 Tegen de prijs van: twee voor 10 Euro. 9 Lijkend op, beschouwend als: voor dood blijven liggen.
kielspit, ploegsnede, groef, vorerimpelante, voorafgaand aan, voorafgedurendenaartotvoordatomprovooraan
".

Defenitie voor

De definitie van voor is: "voor ,` vo - rede -woordvoren1ploegsnede;2rimpel, vooral in het voorhoofd2voorIvoorzetsel1aan de voorkant;2voorafgaand aan: voor de oorlog ;3gedurende: hij heeft voor twee weken werk ; Zuid-Nederlands :voor het ogenblikop het ogenblik;4tegen betaling van: je kunt het voor een euro krijgen ;5 ten behoeve van: werken voor de kost ; dit is voor jou ;6 Zuid-Nederlands naar: de trein voor Antwerpen ;7 Zuid-Nederlands tot: voor doel hebben ; voor gevolg hebben ;IIbijwoord1gunstig gezind: hij is er niet voor ; voor stemmen ;2wat betreft: voor zijn doen is het aardig ; ik voor mij ;3 Zuid-Nederlands :naar voor brengennaar voren brengen;IIIvoegwoordvoordat: het was gebeurd, voor ik het wist
1 Dichterbij dan (gezien vanaf de spreker of anderszins). 2 Eerder komend in de bewegingsrichting. 3 Eerder in tijd. 4 Eerder in rangorde. 5 Ten behoeve van, ten gunste van. 6 Eens met, positief tegenover: Hij stemde voor het voorstel. 7 Wat betreft: Hij is bang voor muizen. 8 Tegen de prijs van: twee voor 10 Euro. 9 Lijkend op, beschouwend als: voor dood blijven liggen.
kielspit, ploegsnede, groef, vorerimpelante, voorafgaand aan, voorafgedurendenaartotvoordatomprovooraan
".