voeren

Betekenis voeren

De betekenis van voeren is: "gemeente in België, prov. Limburg
` voe - ren(voerde, h. gevoerd)1 vooral Zuid-Nederlands brengen, dragen, leiden: iemand op dwaalwegen voeren ;dat zou mij te ver voerenvan de hoofdzaak afbrengen;Zuid-Nederlands : zij voert hem naar beneden ; Zuid-Nederlands : iem. naar huis voeren ;2dragen, meedragen: een titel voeren ;iets in zijn schild voerenzie bij schild ;3hebben, houden: het bevel voeren ; oorlog voeren ; een proces voeren ; het woord voeren ; een hoge staat voeren ; Zuid-Nederlands :op de spijskaart voerenop het menu hebben staan;Zuid-Nederlands :een merk, artikel e.d. voeren(in de winkel) hebben, verkopen;Zuid-Nederlands :met iem. een praatje voerenmet iem. een praatje maken; met iem. blijven praten;4 Zuid-Nederlands besturen; rijden: een motor voeren ; (een trekdier) mennen; ook trekken (door een trekdier);5 Zuid-Nederlands vervoeren, wegbrengen, overbrengen, bezorgen, afleveren: hij voerde haar in zijn eigen auto ;6 Zuid-Nederlands (van een trap, weg, pad e.d.) lopen, gaan: daar voert een gangpad door het midden van de coupé2` voe - ren(voerde, h. gevoerd)van een voering voorzien: een mantel voeren3` voe - ren(voerde, h. gevoerd)1voeder geven: de varkens voeren ;2iem. (bijv. een jong kind, een gehandicapte) het voedsel in de mond stoppen;3 figuurlijk door opmerkingen aanmoedigen, aan de gang brengen, los laten komen op een gevoelig punt, op stang jagen4` voe - renverl tijd meerv van varen
brengen, drijvenmeedragen, dragenhebben, bekleden, houden, uitoefenenmennen, besturen, geleiden, leiden, rijden, trekkenvervoeren, afleveren, bezorgen, overbrengen, wegbrengengaan, lopenvoederen
".

Defenitie voeren

De definitie van voeren is: "gemeente in België, prov. Limburg
` voe - ren(voerde, h. gevoerd)1 vooral Zuid-Nederlands brengen, dragen, leiden: iemand op dwaalwegen voeren ;dat zou mij te ver voerenvan de hoofdzaak afbrengen;Zuid-Nederlands : zij voert hem naar beneden ; Zuid-Nederlands : iem. naar huis voeren ;2dragen, meedragen: een titel voeren ;iets in zijn schild voerenzie bij schild ;3hebben, houden: het bevel voeren ; oorlog voeren ; een proces voeren ; het woord voeren ; een hoge staat voeren ; Zuid-Nederlands :op de spijskaart voerenop het menu hebben staan;Zuid-Nederlands :een merk, artikel e.d. voeren(in de winkel) hebben, verkopen;Zuid-Nederlands :met iem. een praatje voerenmet iem. een praatje maken; met iem. blijven praten;4 Zuid-Nederlands besturen; rijden: een motor voeren ; (een trekdier) mennen; ook trekken (door een trekdier);5 Zuid-Nederlands vervoeren, wegbrengen, overbrengen, bezorgen, afleveren: hij voerde haar in zijn eigen auto ;6 Zuid-Nederlands (van een trap, weg, pad e.d.) lopen, gaan: daar voert een gangpad door het midden van de coupé2` voe - ren(voerde, h. gevoerd)van een voering voorzien: een mantel voeren3` voe - ren(voerde, h. gevoerd)1voeder geven: de varkens voeren ;2iem. (bijv. een jong kind, een gehandicapte) het voedsel in de mond stoppen;3 figuurlijk door opmerkingen aanmoedigen, aan de gang brengen, los laten komen op een gevoelig punt, op stang jagen4` voe - renverl tijd meerv van varen
brengen, drijvenmeedragen, dragenhebben, bekleden, houden, uitoefenenmennen, besturen, geleiden, leiden, rijden, trekkenvervoeren, afleveren, bezorgen, overbrengen, wegbrengengaan, lopenvoederen
".