van

Betekenis van

De betekenis van van is: "stad in Turkije, hoofdstad van de gelijknamige provincie
Ivoorzetsel1behorende aan: dat is van mij ; de jas van vader ;2behorende tot: iemand van de burgerij ;3afkomstig uit: hout van Noorwegen ; van goede familie ;4 : van huis gaan ; van de tafel vallen ; Zuid-Nederlands :van de trein stappenuit de trein;Zuid-Nederlands :van opvanaf; zie ook bijaf ;5 te beginnen bij: van de eerste tot de laatste ; Zuid-Nederlands :van bij of invanaf, sedert;Zuid-Nederlands :van na, sindsvanaf, sedert;Zuid-Nederlands :van gisterenvanaf gisteren;Zuid-Nederlands :van alsvanaf het ogenblik dat, zodra;6 gemaakt door: een schilderij van Rembrandt ;7 gemaakt uit: een kooi van glas ;8 gebeurende door: het zingen van vogels ; de trek van vogels ; gebeurende met of aan: het vangen van vogels ; de operatie van moeder ;9 : van drie tot vier uur ;van de zomerin deze zomer;van `t jaarin dit jaar;Zuid-Nederlands :van toentoen;Zuid-Nederlands :van zodrazodra;Zuid-Nederlands :ik heb van de hele nacht niet geslapentijdens, gedurende de hele nacht;10 Zuid-Nederlands om: de gewoonte hebben van iets te doen ; het is moeilijk van voorbeelden te noemen ;IIde -woord (mannelijk) & het -woordvannen, vansverouderd familienaam: hoe is zijn van?
1 Geeft bezit aan: het is van mij. 2 Geeft herkomst aan: hij komt van ver.
namens, af, door, met, om, over, uit, vanwege, wegens
".

Defenitie van

De definitie van van is: "stad in Turkije, hoofdstad van de gelijknamige provincie
Ivoorzetsel1behorende aan: dat is van mij ; de jas van vader ;2behorende tot: iemand van de burgerij ;3afkomstig uit: hout van Noorwegen ; van goede familie ;4 : van huis gaan ; van de tafel vallen ; Zuid-Nederlands :van de trein stappenuit de trein;Zuid-Nederlands :van opvanaf; zie ook bijaf ;5 te beginnen bij: van de eerste tot de laatste ; Zuid-Nederlands :van bij of invanaf, sedert;Zuid-Nederlands :van na, sindsvanaf, sedert;Zuid-Nederlands :van gisterenvanaf gisteren;Zuid-Nederlands :van alsvanaf het ogenblik dat, zodra;6 gemaakt door: een schilderij van Rembrandt ;7 gemaakt uit: een kooi van glas ;8 gebeurende door: het zingen van vogels ; de trek van vogels ; gebeurende met of aan: het vangen van vogels ; de operatie van moeder ;9 : van drie tot vier uur ;van de zomerin deze zomer;van `t jaarin dit jaar;Zuid-Nederlands :van toentoen;Zuid-Nederlands :van zodrazodra;Zuid-Nederlands :ik heb van de hele nacht niet geslapentijdens, gedurende de hele nacht;10 Zuid-Nederlands om: de gewoonte hebben van iets te doen ; het is moeilijk van voorbeelden te noemen ;IIde -woord (mannelijk) & het -woordvannen, vansverouderd familienaam: hoe is zijn van?
1 Geeft bezit aan: het is van mij. 2 Geeft herkomst aan: hij komt van ver.
namens, af, door, met, om, over, uit, vanwege, wegens
".