staan

Betekenis staan

De betekenis van staan is: "(stond, h. gestaan)1in opgerichte houding zijn, op voeten of poten rusten;staande blijvenin stand blijven of in dezelfde stand, op dezelfde hoogte blijven;zich staande houdenzich handhaven, niet ten onder gaan;iets staande houden, Zuid-Nederlands : iets houden staaneen bewering handhaven;hij staat voor nietshij deinst voor niets terug, durft alles;op zichzelf staana) niet afhankelijk zijn of gesteund worden door anderen; b) geen verband houden met andere dingen;`m staan hebbena) dronken zijn; b) een slechte bui hebben;2zijn: in bloei staan ; ter beschikking staan ; in betrekking staan tot iemand ;dat staat te beziendat is nog niet zeker;ergens buiten staaner geen deel aan hebben, er niet in gemengd worden;iem. ten dienste staan ;in het krijt staanzie bij krijt (bet 1) ;verbaasd staan over iets ; hoe staan de zaken? ;zeggen waar het op staatzonder omhaal de waarheid, de hoofdzaak vertellen;Zuid-Nederlands :ergens iets staan hebbenergens nog in het krijt staan, schulden hebben;Zuid-Nederlands :op iem. staanop iems. naam staan: dat huis staat nog op mijn vader ;Zuid-Nederlands :op een bep. bedrag staanzoveel kosten; voor een bep. bedrag verhuurd worden; zie ook bijmannetje ;3zich bevinden: wat staat er boven het eerste hoofdstuk? ; zijn portret staat in de krant ;dat staat in mijn maagdat eten valt zwaar;4stilstaan, niet (meer) in beweging zijn: tot staan brengen , tot staan komen ; Zuid-Nederlands :iem. houden staana) staande houden, tegenhouden, doen blijven staan; b) iem. staande houden ter identificatie;5 de taak zijn van: wat staat ons te doen ; nu staat het aan hem de zaak in het reine te brengen ; als het mij te doen stond ... ;6 juist gereed zijn om: het staat op springen ; op het punt staan om ... ;7 streven naar:iemand naar het leven staanvan plan zijn hem te doden;8 zijn werkkring hebben: dominee A. staat te Utrecht ;9 kleden: hoe staat me die jas? ;10 passen (bet 1): dat staat je niet mooi, dat jokken ;11 zich verhouden: a staat tot b, als c staat tot d ;12 kosten: het kwam hem duur te staan ; op ontvoering staat 9 jaar (gevangenis) ;13staan opeisen: hij staat erop dat het zo gebeurt ;14 gericht zijn op: de wind staat op de voorkant ;mijn hoofd staat er niet naarik ben er niet voor in de stemming;15staan opberekend worden voor: er staat € 25,- boete op ; er staat een zware straf op ;16eraan gaan staaner wat aan doen, eraan beginnen;17voor lul (joker) staaninformeel een raar figuur slaan
In verticale toestand van rust bevinden.
liggen, zijnstilstaankledenpassenkosten
".

Defenitie staan

De definitie van staan is: "(stond, h. gestaan)1in opgerichte houding zijn, op voeten of poten rusten;staande blijvenin stand blijven of in dezelfde stand, op dezelfde hoogte blijven;zich staande houdenzich handhaven, niet ten onder gaan;iets staande houden, Zuid-Nederlands : iets houden staaneen bewering handhaven;hij staat voor nietshij deinst voor niets terug, durft alles;op zichzelf staana) niet afhankelijk zijn of gesteund worden door anderen; b) geen verband houden met andere dingen;`m staan hebbena) dronken zijn; b) een slechte bui hebben;2zijn: in bloei staan ; ter beschikking staan ; in betrekking staan tot iemand ;dat staat te beziendat is nog niet zeker;ergens buiten staaner geen deel aan hebben, er niet in gemengd worden;iem. ten dienste staan ;in het krijt staanzie bij krijt (bet 1) ;verbaasd staan over iets ; hoe staan de zaken? ;zeggen waar het op staatzonder omhaal de waarheid, de hoofdzaak vertellen;Zuid-Nederlands :ergens iets staan hebbenergens nog in het krijt staan, schulden hebben;Zuid-Nederlands :op iem. staanop iems. naam staan: dat huis staat nog op mijn vader ;Zuid-Nederlands :op een bep. bedrag staanzoveel kosten; voor een bep. bedrag verhuurd worden; zie ook bijmannetje ;3zich bevinden: wat staat er boven het eerste hoofdstuk? ; zijn portret staat in de krant ;dat staat in mijn maagdat eten valt zwaar;4stilstaan, niet (meer) in beweging zijn: tot staan brengen , tot staan komen ; Zuid-Nederlands :iem. houden staana) staande houden, tegenhouden, doen blijven staan; b) iem. staande houden ter identificatie;5 de taak zijn van: wat staat ons te doen ; nu staat het aan hem de zaak in het reine te brengen ; als het mij te doen stond ... ;6 juist gereed zijn om: het staat op springen ; op het punt staan om ... ;7 streven naar:iemand naar het leven staanvan plan zijn hem te doden;8 zijn werkkring hebben: dominee A. staat te Utrecht ;9 kleden: hoe staat me die jas? ;10 passen (bet 1): dat staat je niet mooi, dat jokken ;11 zich verhouden: a staat tot b, als c staat tot d ;12 kosten: het kwam hem duur te staan ; op ontvoering staat 9 jaar (gevangenis) ;13staan opeisen: hij staat erop dat het zo gebeurt ;14 gericht zijn op: de wind staat op de voorkant ;mijn hoofd staat er niet naarik ben er niet voor in de stemming;15staan opberekend worden voor: er staat € 25,- boete op ; er staat een zware straf op ;16eraan gaan staaner wat aan doen, eraan beginnen;17voor lul (joker) staaninformeel een raar figuur slaan
In verticale toestand van rust bevinden.
liggen, zijnstilstaankledenpassenkosten
".