overschot

Betekenis overschot

De betekenis van overschot is: "` over - schothet -woordoverschottenhet overgeblevene, wat te veel is; wat er meer is dan nodig: een overschot van melk en boter ; Zuid-Nederlands :overschot van, aan gelijk (hebben)volkomen gelijk (hebben);Zuid-Nederlands :met overschot van gelijkvolkomen terecht;Zuid-Nederlands :geen overschot hebbennauwelijks genoeg hebben;Zuid-Nederlands :(weinig) overschot hebbensport (nog maar weinig) voorsprong of achterstand;Zuid-Nederlands :op den overschot zittena) bij de verdeling van iets overschieten, niets krijgen; b) niet in tel zijn, voor spek en bonen meedoen
achterblijvende lading
plus, saldo, boni, overblijfsel, residu, rest, restant, surplus, tamp
".

Defenitie overschot

De definitie van overschot is: "` over - schothet -woordoverschottenhet overgeblevene, wat te veel is; wat er meer is dan nodig: een overschot van melk en boter ; Zuid-Nederlands :overschot van, aan gelijk (hebben)volkomen gelijk (hebben);Zuid-Nederlands :met overschot van gelijkvolkomen terecht;Zuid-Nederlands :geen overschot hebbennauwelijks genoeg hebben;Zuid-Nederlands :(weinig) overschot hebbensport (nog maar weinig) voorsprong of achterstand;Zuid-Nederlands :op den overschot zittena) bij de verdeling van iets overschieten, niets krijgen; b) niet in tel zijn, voor spek en bonen meedoen
achterblijvende lading
plus, saldo, boni, overblijfsel, residu, rest, restant, surplus, tamp
".