opschieten

Betekenis opschieten

De betekenis van opschieten is: "` op - schie - ten(schoot op, 1, 2, 4 onovergankelijk is, 3, 6 overgankelijk h., 5 onovergankelijk h. opgeschoten)1voortmaken;2vorderen: hij is nog niet hard opgeschoten ;schiet ophaast je wat of maak dat je wegkomt;3naar boven schieten: een vuurpijl opschieten ;4snel opgroeien: het onkruid schiet overal welig op ;5 samenwerken, overweg kunnen: kun je nogal met hem opschieten? ;6 in bochten opwinden: touw opschieten ; figuurlijk :zich ergens opschietena) gaan liggen slapen; b) zich ergens vestigen
1 Haast maken. 2 Vorderingen maken. 3 Het oprollen van een scheepstouw.
touwwerk in evenwijdige lussen opeenleggen
hurriën, voortmaken, zich haastenvooruitgaan, vooruitkomen, vorderenoverweg kunnen, samenwerkenopkomen, verrijzen
".

Defenitie opschieten

De definitie van opschieten is: "` op - schie - ten(schoot op, 1, 2, 4 onovergankelijk is, 3, 6 overgankelijk h., 5 onovergankelijk h. opgeschoten)1voortmaken;2vorderen: hij is nog niet hard opgeschoten ;schiet ophaast je wat of maak dat je wegkomt;3naar boven schieten: een vuurpijl opschieten ;4snel opgroeien: het onkruid schiet overal welig op ;5 samenwerken, overweg kunnen: kun je nogal met hem opschieten? ;6 in bochten opwinden: touw opschieten ; figuurlijk :zich ergens opschietena) gaan liggen slapen; b) zich ergens vestigen
1 Haast maken. 2 Vorderingen maken. 3 Het oprollen van een scheepstouw.
touwwerk in evenwijdige lussen opeenleggen
hurriën, voortmaken, zich haastenvooruitgaan, vooruitkomen, vorderenoverweg kunnen, samenwerkenopkomen, verrijzen
".