mat

Betekenis mat

De betekenis van mat is: "(«Oud-Frans«Latijn)bijvoeglijk naamwoord en bijwoord1vermoeid, slap;2dof; ondoorschijnend2mat(«LatijnFenicisch)de -woordmattengevlochten vloerbedekking, veegkleedje, scherm e.d. van riet of ander materiaal;zijn matten (of matjes) oprollenweggaan;op het matje (of de mat) moeten komenvoor een gezagdrager moeten verschijnen om zich te verantwoorden of verhoord te worden; zie ookmatje3matde -woord (mannelijk)mattenoude Spaanse zilvermunt4mat(«Oud-Frans«Perzisch)Ibijvoeglijk naamwoordschaakmat;IIhet -woordsituatie van schaakmat-zijn: mat was niet te vermijden5matverl tijd van meten
metallurgisch tussenprodukt
flauw, gedrukt, krachteloos, levenloos, loom, lusteloos, moe, slap, uitgedoofd, vermoeidondoorschijnend, dof, flepstapijtschaakmatmatje
".

Defenitie mat

De definitie van mat is: "(«Oud-Frans«Latijn)bijvoeglijk naamwoord en bijwoord1vermoeid, slap;2dof; ondoorschijnend2mat(«LatijnFenicisch)de -woordmattengevlochten vloerbedekking, veegkleedje, scherm e.d. van riet of ander materiaal;zijn matten (of matjes) oprollenweggaan;op het matje (of de mat) moeten komenvoor een gezagdrager moeten verschijnen om zich te verantwoorden of verhoord te worden; zie ookmatje3matde -woord (mannelijk)mattenoude Spaanse zilvermunt4mat(«Oud-Frans«Perzisch)Ibijvoeglijk naamwoordschaakmat;IIhet -woordsituatie van schaakmat-zijn: mat was niet te vermijden5matverl tijd van meten
metallurgisch tussenprodukt
flauw, gedrukt, krachteloos, levenloos, loom, lusteloos, moe, slap, uitgedoofd, vermoeidondoorschijnend, dof, flepstapijtschaakmatmatje
".