maken

Betekenis maken

De betekenis van maken is: "` ma - ken(maakte, h. gemaakt)1vervaardigen; scheppen; vormen; doen ontstaan: lawaai maken ;de kleren maken de manzie bij 2 kleed ;Zuid-Nederlands :de balans makenopmaken;Zuid-Nederlands :koffie, thee makenzetten;2door eigen inspanning verkrijgen: geld maken ;een slag maken(kaartspel);3verrichten, doen: visites maken ; niets met iem. (of iets) te maken hebben ;dat kun je niet makeninformeel dat is onbehoorlijk, dat kun je fatsoenshalve niet doen;4herstellen: een fiets laten maken ;iem. kunnen maken en brekenverre zijn meerdere zijn;5 in een bepaalde toestand brengen;te gelde makenverkopen;iem. zwart makenzie bij zwart ;Zuid-Nederlands :het bed of de bedden makenopmaken;Zuid-Nederlands :zijn koffers makenpakken;6het ... makenin een bepaalde toestand zijn: het goed maken ;hij zal het niet lang meer makenhij zal niet lang meer leven;het (helemaal) maken(veel) succes hebben;Zuid-Nederlands :dat maakt veeldat scheelt heel wat, dat maakt een heel verschil;Zuid-Nederlands :dat maakt nietsdat geeft niet(s), dat hindert niet;Zuid-Nederlands :wat kan hem dat makenwat kan hem dat schelen;7 bij testament vermaken
vormen, aanbrengen, bouwen, creëren, fabriceren, opbouwen, produceren, samenstellen, scheppen, tot stand brengen, uitvoeren, vervaardigen, voortbrengenherstellen
".

Defenitie maken

De definitie van maken is: "` ma - ken(maakte, h. gemaakt)1vervaardigen; scheppen; vormen; doen ontstaan: lawaai maken ;de kleren maken de manzie bij 2 kleed ;Zuid-Nederlands :de balans makenopmaken;Zuid-Nederlands :koffie, thee makenzetten;2door eigen inspanning verkrijgen: geld maken ;een slag maken(kaartspel);3verrichten, doen: visites maken ; niets met iem. (of iets) te maken hebben ;dat kun je niet makeninformeel dat is onbehoorlijk, dat kun je fatsoenshalve niet doen;4herstellen: een fiets laten maken ;iem. kunnen maken en brekenverre zijn meerdere zijn;5 in een bepaalde toestand brengen;te gelde makenverkopen;iem. zwart makenzie bij zwart ;Zuid-Nederlands :het bed of de bedden makenopmaken;Zuid-Nederlands :zijn koffers makenpakken;6het ... makenin een bepaalde toestand zijn: het goed maken ;hij zal het niet lang meer makenhij zal niet lang meer leven;het (helemaal) maken(veel) succes hebben;Zuid-Nederlands :dat maakt veeldat scheelt heel wat, dat maakt een heel verschil;Zuid-Nederlands :dat maakt nietsdat geeft niet(s), dat hindert niet;Zuid-Nederlands :wat kan hem dat makenwat kan hem dat schelen;7 bij testament vermaken
vormen, aanbrengen, bouwen, creëren, fabriceren, opbouwen, produceren, samenstellen, scheppen, tot stand brengen, uitvoeren, vervaardigen, voortbrengenherstellen
".