lid

Betekenis lid

De betekenis van lid is: "het -woordleden1beweegbaar lichaamsdeel als arm, been enz., vooral penis;recht van lijf en leden zijneen gezond, goed ontwikkeld lichaam hebben;een ziekte onder de leden hebbenhet begin van een ziekte bij zich hebben;2gewricht;uit het lidontwricht;3afzonderlijk beweegbaar deeltje: een vinger bestaat uit drie leden ; een insectenlichaam is verdeeld in leden ;4 biologie stengeldeel tussen twee knopen;5 persoon die deel uitmaakt van een groep: de leden van een kerk, een gezantschap enz. ;een fijn (mooi) lidironisch een fraai heer;ook abonnee: zij is lid van een jeugdblad ;6 onderdeel, gedeelte;7 verwantschapsgraad, graad van afstamming2lidhet -woordleden1deksel;wie het onderste uit de kan wil hebben, krijgt het lid op de neusmen moet niet het uiterste of allerbeste verlangen;2ooglid
1 Iemand die behoort tot een groep of organisatie. 2 Deel van een paragraaf van een wetsartikel. 3 Penis.
attribuuttype dat een groep namen aangeeft die verbonden zijn met een object
de natuurlijke-of rechtspersonen, die, na te hebben verklaard zich te onderwerpen aan de statuten van een OWN en na een verzekeringsovereenkomst met haar te hebben ondertekend, door de OWM tot deelneming in het bedrijf als verzekerden
de plaats waar twee of meer beenderen van het skelet samenkomen
Onderdeel van een artikel van bv.een wet of een besluit.
abonneeooglidgewricht, gelidpenisgedeelte, geleding, onderdeelverwantschapsgraaddeksel
".

Defenitie lid

De definitie van lid is: "het -woordleden1beweegbaar lichaamsdeel als arm, been enz., vooral penis;recht van lijf en leden zijneen gezond, goed ontwikkeld lichaam hebben;een ziekte onder de leden hebbenhet begin van een ziekte bij zich hebben;2gewricht;uit het lidontwricht;3afzonderlijk beweegbaar deeltje: een vinger bestaat uit drie leden ; een insectenlichaam is verdeeld in leden ;4 biologie stengeldeel tussen twee knopen;5 persoon die deel uitmaakt van een groep: de leden van een kerk, een gezantschap enz. ;een fijn (mooi) lidironisch een fraai heer;ook abonnee: zij is lid van een jeugdblad ;6 onderdeel, gedeelte;7 verwantschapsgraad, graad van afstamming2lidhet -woordleden1deksel;wie het onderste uit de kan wil hebben, krijgt het lid op de neusmen moet niet het uiterste of allerbeste verlangen;2ooglid
1 Iemand die behoort tot een groep of organisatie. 2 Deel van een paragraaf van een wetsartikel. 3 Penis.
attribuuttype dat een groep namen aangeeft die verbonden zijn met een object
de natuurlijke-of rechtspersonen, die, na te hebben verklaard zich te onderwerpen aan de statuten van een OWN en na een verzekeringsovereenkomst met haar te hebben ondertekend, door de OWM tot deelneming in het bedrijf als verzekerden
de plaats waar twee of meer beenderen van het skelet samenkomen
Onderdeel van een artikel van bv.een wet of een besluit.
abonneeooglidgewricht, gelidpenisgedeelte, geleding, onderdeelverwantschapsgraaddeksel
".