klap

Betekenis klap

De betekenis van klap is: "de -woord (mannelijk)klappen1kort geluid; zie ook bij vuurpijl ;2slag, ook figuurlijk : verlies, ramp;geen klapniets;een klap van de molen(wiek) gehad hebben of beethebbenniet goed bij het verstand zijn; zie ook bijdaalder ;3(geen meervoudig zelfstandig naamwoord ) gepraat;ijdele klaponbeduidende praat;Zuid-Nederlands het praten, gekeuvel, gebabbel, gepraat, geklets: met iem. aan de klap zijn, iem. aan de klap houden ;dat is klap voor de vaakdomme praat;veel klaps hebbenveel praats hebben;4klep van een (ophaal)brug
floep, knal, pets, peut, watjekouw, bons, dreun, flap, haal, klak, klets, knots, lap, lel, makke, mep, mossel, mot, oorvijg, opstopper, pardaf, patat, pats, peer, pees, peuter, plakkaat, plets, pof, slag, smak, stamp, tikslag, ramp, verlies, weerbotsklepgekeuvel, klets, gebabbel, geklets, gepraat
".

Defenitie klap

De definitie van klap is: "de -woord (mannelijk)klappen1kort geluid; zie ook bij vuurpijl ;2slag, ook figuurlijk : verlies, ramp;geen klapniets;een klap van de molen(wiek) gehad hebben of beethebbenniet goed bij het verstand zijn; zie ook bijdaalder ;3(geen meervoudig zelfstandig naamwoord ) gepraat;ijdele klaponbeduidende praat;Zuid-Nederlands het praten, gekeuvel, gebabbel, gepraat, geklets: met iem. aan de klap zijn, iem. aan de klap houden ;dat is klap voor de vaakdomme praat;veel klaps hebbenveel praats hebben;4klep van een (ophaal)brug
floep, knal, pets, peut, watjekouw, bons, dreun, flap, haal, klak, klets, knots, lap, lel, makke, mep, mossel, mot, oorvijg, opstopper, pardaf, patat, pats, peer, pees, peuter, plakkaat, plets, pof, slag, smak, stamp, tikslag, ramp, verlies, weerbotsklepgekeuvel, klets, gebabbel, geklets, gepraat
".