kalkoen

Betekenis kalkoen

De betekenis van kalkoen is: "kal` koende -woord (mannelijk)kalkoenen1hoenderachtige vogel met een brede staart, oorspronkelijk afkomstig uit Noord- en Midden-Amerika, genoemd naar Calicut , de vroegere naam van de Indiase stad Kozhikode;zo rood als een kalkoensterk blozend;2omgebogen punt van een hoefijzer; omgebogen uitsteeksel aan een bout, tang enz.; hoefnagel op ijs en sneeuw gebruikt
Meleagris gallopavo, gedomesticeerde vogel die in Nederland vooral rond Kerstmis gegeten wordt.
kalkoenen waarbij de punt van het borstbeen hard is(verbeend)
".

Defenitie kalkoen

De definitie van kalkoen is: "kal` koende -woord (mannelijk)kalkoenen1hoenderachtige vogel met een brede staart, oorspronkelijk afkomstig uit Noord- en Midden-Amerika, genoemd naar Calicut , de vroegere naam van de Indiase stad Kozhikode;zo rood als een kalkoensterk blozend;2omgebogen punt van een hoefijzer; omgebogen uitsteeksel aan een bout, tang enz.; hoefnagel op ijs en sneeuw gebruikt
Meleagris gallopavo, gedomesticeerde vogel die in Nederland vooral rond Kerstmis gegeten wordt.
kalkoenen waarbij de punt van het borstbeen hard is(verbeend)
".