hol

Betekenis hol

De betekenis van hol is: "bijvoeglijk naamwoord en bijwoord1zonder inhoud, niet massief; leeg, zonder gezelligheid: een holle ruimte ; figuurlijk met weinig geestelijke inhoud;een hol vatiem. met veel vertoon, maar weinig diepte van kennis of karakter; nietszeggend, zonder waarde:holle frases, holle woorden ;2naar binnen of naar beneden gebogen: een holle lens ;een holle wegtussen twee hoogten; ingevallen:holle ogen ;3met hoge golfslag: een holle zee, de zee staat hol ;4niet vol van klank: een hol geluid ;5in het holst van de nachtdiep in de nacht2holhet -woordholengrot, spelonk, holle ruimte; verblijfplaats van in het wild levende dieren;zich in het hol van de leeuw wagenzich in de nabijheid begeven van of zich onder het bereik stellen van een lastig of gevreesd persoon; (in een schip)ruim (II)3holde -woord (mannelijk)het hollen;op hol slaana) zich niet meer laten besturen, wild weglopen; b) figuurlijk doorslaan, zichzelf niet meer beheersen;iem. het hoofd op hol brengeniem. zodanig van een denkbeeld of gevoel vervuld doen zijn, dat hij zichzelf niet meer meester is;op een holletjeop een drafje4holde -woordhollenhelling van een weg
holrond, uitgehold, concaaf, leegnietszeggendingevallengrot, spelonkruim
".

Defenitie hol

De definitie van hol is: "bijvoeglijk naamwoord en bijwoord1zonder inhoud, niet massief; leeg, zonder gezelligheid: een holle ruimte ; figuurlijk met weinig geestelijke inhoud;een hol vatiem. met veel vertoon, maar weinig diepte van kennis of karakter; nietszeggend, zonder waarde:holle frases, holle woorden ;2naar binnen of naar beneden gebogen: een holle lens ;een holle wegtussen twee hoogten; ingevallen:holle ogen ;3met hoge golfslag: een holle zee, de zee staat hol ;4niet vol van klank: een hol geluid ;5in het holst van de nachtdiep in de nacht2holhet -woordholengrot, spelonk, holle ruimte; verblijfplaats van in het wild levende dieren;zich in het hol van de leeuw wagenzich in de nabijheid begeven van of zich onder het bereik stellen van een lastig of gevreesd persoon; (in een schip)ruim (II)3holde -woord (mannelijk)het hollen;op hol slaana) zich niet meer laten besturen, wild weglopen; b) figuurlijk doorslaan, zichzelf niet meer beheersen;iem. het hoofd op hol brengeniem. zodanig van een denkbeeld of gevoel vervuld doen zijn, dat hij zichzelf niet meer meester is;op een holletjeop een drafje4holde -woordhollenhelling van een weg
holrond, uitgehold, concaaf, leegnietszeggendingevallengrot, spelonkruim
".