deugd

Betekenis deugd

De betekenis van deugd is: "de -woorddeugdengeneigdheid tot het goede, het redelijk-goed-zijn; goede eigenschap; rooms-katholiek : de drie goddelijke deugden: geloof, hoop en liefde ;lieve deugduitroep van verbazing;deugd doengoeddoen, weldadig aandoen;Zuid-Nederlands :er deugd van, aan hebben of er deugd aan belevener genoegen aan beleven;Zuid-Nederlands :een deugd vanaanduiding dat iets of iem. voortreffelijk is in zijn soort;Zuid-Nederlands :een deugd van een kindeen zeer braaf kind;Zuid-Nederlands :een deugd van een pintjeeen voortreffelijk, lekker pilsje; zie ook bijnood
1 Goed zijn in zedelijk opzicht. 2 Een bepaalde goede eigenschap.
".

Defenitie deugd

De definitie van deugd is: "de -woorddeugdengeneigdheid tot het goede, het redelijk-goed-zijn; goede eigenschap; rooms-katholiek : de drie goddelijke deugden: geloof, hoop en liefde ;lieve deugduitroep van verbazing;deugd doengoeddoen, weldadig aandoen;Zuid-Nederlands :er deugd van, aan hebben of er deugd aan belevener genoegen aan beleven;Zuid-Nederlands :een deugd vanaanduiding dat iets of iem. voortreffelijk is in zijn soort;Zuid-Nederlands :een deugd van een kindeen zeer braaf kind;Zuid-Nederlands :een deugd van een pintjeeen voortreffelijk, lekker pilsje; zie ook bijnood
1 Goed zijn in zedelijk opzicht. 2 Een bepaalde goede eigenschap.
".