bom

Betekenis bom

De betekenis van bom is: "tussenwerpselnabootsing van dof zwaar geluid2bom(«Frans)de -woordbommen1voorwerp, vooral projectiel dat schade veroorzaakt door een explosie: een stad met bommen bestoken ; een bom plaatsen bij een ambassadegebouw ;de bom is gebarstendat wat al enige tijd dreigde is werkelijk gebeurd;2voorwerp dat stank, rook e.d. voortbrengt;3 pregnant voor kernbom: bang zijn voor de bom3bomde -woordbommen1groot voorwerp, grote hoeveelheid: een bom duiten ;zure bomgrote augurk in zuur of zoetzuur;2platboomde vissersschuit, in gebruik tot het begin van de 20ste eeuw4bomde -woordbommensluitstop, sponBOMbewust ongehuwde moeder
houder of huls, waarin zich een stof bevindt welke radio-actief is, d.w.z. welke door spontane desintegratie der atomen stralen uitzendt
obus, explosiefsluitstop, spon
".

Defenitie bom

De definitie van bom is: "tussenwerpselnabootsing van dof zwaar geluid2bom(«Frans)de -woordbommen1voorwerp, vooral projectiel dat schade veroorzaakt door een explosie: een stad met bommen bestoken ; een bom plaatsen bij een ambassadegebouw ;de bom is gebarstendat wat al enige tijd dreigde is werkelijk gebeurd;2voorwerp dat stank, rook e.d. voortbrengt;3 pregnant voor kernbom: bang zijn voor de bom3bomde -woordbommen1groot voorwerp, grote hoeveelheid: een bom duiten ;zure bomgrote augurk in zuur of zoetzuur;2platboomde vissersschuit, in gebruik tot het begin van de 20ste eeuw4bomde -woordbommensluitstop, sponBOMbewust ongehuwde moeder
houder of huls, waarin zich een stof bevindt welke radio-actief is, d.w.z. welke door spontane desintegratie der atomen stralen uitzendt
obus, explosiefsluitstop, spon
".