bok

Betekenis bok

De betekenis van bok is: "de -woord (mannelijk)bokken1mannetje van de geit, het hert enz.:de bokken van de schapen scheidende slechten van de goeden of de mannen van de vrouwen scheiden;een oude bok lust nog wel een groen blaadjeeen man op leeftijd houdt nog wel van jonge meisjes;als een bok op de haverkist zittenzeer begerig, gretig zijn;2bep. hijswerktuig met twee vaste staanders die bovenaan bij elkaar komen;3springtoestel op vier poten, gebruikt bij gymnastiek;4koetsiersbank: op de bok van een wagen zitten ;5bok stavast!op haasje-over gelijkend kinderspel;6 historisch geselpaal;van de bok dromeniets onaangenaams te wachten hebben;7 bokschip;8 spoorwegen stootblok2bokde -woord (mannelijk)bokkenflater;een bok schieteneen flater begaan
1 mannelijke geit 2 toestel bij het turnen 3 mennerszitplaats bij een rijtuig 4 zware hijskraan 5 ondersteuning waarop zware toestellen kunnen geplaatst worden
handlier op een eenvoudig twee-of driepotig onderstel
koetsiersbankgeselpaalbokschipstootblokblunder, flater, misslag, stommiteit, vergissing
".

Defenitie bok

De definitie van bok is: "de -woord (mannelijk)bokken1mannetje van de geit, het hert enz.:de bokken van de schapen scheidende slechten van de goeden of de mannen van de vrouwen scheiden;een oude bok lust nog wel een groen blaadjeeen man op leeftijd houdt nog wel van jonge meisjes;als een bok op de haverkist zittenzeer begerig, gretig zijn;2bep. hijswerktuig met twee vaste staanders die bovenaan bij elkaar komen;3springtoestel op vier poten, gebruikt bij gymnastiek;4koetsiersbank: op de bok van een wagen zitten ;5bok stavast!op haasje-over gelijkend kinderspel;6 historisch geselpaal;van de bok dromeniets onaangenaams te wachten hebben;7 bokschip;8 spoorwegen stootblok2bokde -woord (mannelijk)bokkenflater;een bok schieteneen flater begaan
1 mannelijke geit 2 toestel bij het turnen 3 mennerszitplaats bij een rijtuig 4 zware hijskraan 5 ondersteuning waarop zware toestellen kunnen geplaatst worden
handlier op een eenvoudig twee-of driepotig onderstel
koetsiersbankgeselpaalbokschipstootblokblunder, flater, misslag, stommiteit, vergissing
".