anker

Betekenis anker

De betekenis van anker is: "` an - ker(«Latijn«Grieks)het -woordankers1ijzeren werktuig om een schip vast te haken;het anker laten vallenligplaats nemen, figuurlijk een verblijfplaats kiezen;het anker lichtenwegvaren, figuurlijk vertrekken;ten anker gaanhet schip vastleggen;voor anker liggengelegen zijn;2onderdeel van een uurwerk;3onderdeel van een magneet, een dynamo e.a.;4muurhaak om balken vast te maken;5 biljart met krijtlijnen getekende kleine vierhoeken op de biljarttafel ten behoeve van de kaderspelen2` an - ker(«Latijn)het -woordankers45 flessen wijn
dat deel van een gedeeltelijke prothese (uitneembaar of vast),door middel waarvan de prothese met de pijlers is verbonden
gestel voor het vastleggen van schepen, boeien, bakens, drijvende mijnen enz
Toestel om een schip aan de bodem van het vaar water vast te leggen, in zijn meest bekende vorm bestaande uit een schacht met aan de onderzijde twee armen, die in de bodem grijpen, en aan de bovenzijde een ring en een losse of vaste stok, loodrecht op het vlak van de armen, dienende om het kantelen van het anker op de bodem te voor komen
".

Defenitie anker

De definitie van anker is: "` an - ker(«Latijn«Grieks)het -woordankers1ijzeren werktuig om een schip vast te haken;het anker laten vallenligplaats nemen, figuurlijk een verblijfplaats kiezen;het anker lichtenwegvaren, figuurlijk vertrekken;ten anker gaanhet schip vastleggen;voor anker liggengelegen zijn;2onderdeel van een uurwerk;3onderdeel van een magneet, een dynamo e.a.;4muurhaak om balken vast te maken;5 biljart met krijtlijnen getekende kleine vierhoeken op de biljarttafel ten behoeve van de kaderspelen2` an - ker(«Latijn)het -woordankers45 flessen wijn
dat deel van een gedeeltelijke prothese (uitneembaar of vast),door middel waarvan de prothese met de pijlers is verbonden
gestel voor het vastleggen van schepen, boeien, bakens, drijvende mijnen enz
Toestel om een schip aan de bodem van het vaar water vast te leggen, in zijn meest bekende vorm bestaande uit een schacht met aan de onderzijde twee armen, die in de bodem grijpen, en aan de bovenzijde een ring en een losse of vaste stok, loodrecht op het vlak van de armen, dienende om het kantelen van het anker op de bodem te voor komen
".